top of page
Zoeken

Glutenvrij-casëinevrij-eivrij informatie en recepten


Bedankt voor het lezen van deze informatie. Het kan een volgende stap zijn naar een gezondere levensstijl, naar een leven zonder gezondheidsklachten. Of in iedere geval een verbetering van je gezondheid. Deze tekst heb ik geschreven voor alle mensen die een (mogelijke) reactie hebben op gluten, zuivel, ei en/of gist en willen weten hoe ze toch gezond en lekker kunnen koken. Ook gebruiken we in onze recepten geen geraffineerde suikers, omdat dit erg belastend is voor het lichaam. Wij hebben ons met de recepten gericht op brood en banket, omdat het in de praktijk moeilijk blijkt om hiervoor goede alternatieven te vinden. Er zijn tegenwoordig veel glutenvrije kant en klaar broodmixen en bakmixen te koop. Daar zijn wij geen voorstander van. Ze bevatten vaak veel toevoegingen en zijn op de langere termijn, belastend voor het lichaam. Wij gaan voor puur genieten en van vullen naar voeden, met gebruik van eerlijke en biologische ingrediënten. Er kunnen een hoop onderliggende redenen zijn, waardoor je bepaalde voeding niet kunt verdragen. Ik wil je uitnodigen om zelf te gaan voelen welke voeding je goed doet. De recepten kun je als basis gebruiken. En we willen je vooral uitnodigen om het zelf te gaan doen en je eigen variaties op de recepten te maken. In deze tekst vind je antwoord op vragen als:

* Hoe maak je een lekker glutenvrij brood?

* Wat kun je gebruiken als gistvervanger om je brood te laten rijzen?

* Hoe maak je iets feestelijks voor een verjaardag, zonder dat je daarna dagen buikpijn hebt?

In deel 1 vind je informatie over reacties op voeding die mogelijk zijn. De reacties zijn namelijk veel diverser dan “alleen maar” een allergie. Ook als je geen allergie hebt, kun je bepaalde voedingsmiddelen soms beter weglaten. Het is belangrijk te weten waar je precies op reageert, zodat je gericht je voeding kunt aanpassen. Wil je het “hoe en waarom” van voedselreacties weten? Lees dan deel 1.

In deel 2 vind je praktische recepten. We leggen uit hoe je iets kunt klaarmaken en wat je hiervoor nodig hebt (niet alleen je boodschappen, maar ook je keukenattributen). Daarnaast vind je veel informatie over de ingrediënten, zodat je uiteindelijk zelf, na een beetje oefenen, naar hartelust kunt gaan variëren. Wil je direct aan de slag met lekkere recepten? Ga dan naar deel 2.

DEEL 1 REACTIES OP VOEDING

In dit gedeelte worden verschillende reacties beschreven, die je kunt hebben, op voeding. Dit is bedoeld om meer inzicht te geven in wat voor soort reacties je kunt hebben en waarom het soms niet eenvoudig is er achter te komen waar de schoen precies wringt. Voeding is persoonlijk. Wat goed is voor jou hoeft niet goed te zijn voor mij. Als je dit gelezen hebt, weet je dat ook “gezonde” voedingsklachten kan veroorzaken. Het is niet mogelijk hier een compleet overzicht te geven. Veel gezondheidsklachten hebben namelijk met voeding te maken. Als je bijvoorbeeld reumatische klachten hebt, kun je beter afzien van het eten van de zogenoemde “nachtschaden”. Tot de nachtschaden behoren onder andere: aardappel, tomaat, aubergine, paprika en rode pepers. Minder bekend is dat gojibessen ook tot de nachtschaden behoren.


Welke reacties op voeding zijn mogelijk?


Er zijn meer reacties op voeding mogelijk dan alleen de bekende allergische reactie. Omdat een aantal van deze reacties relatief onbekend zijn, leggen we deze hieronder kort uit. We gaan niet gedetailleerd in op alle reacties. Het is daarom belangrijk dit samen met een specialist goed neer te zetten.


Naast een allergie kan er sprake zijn van:


• een intolerantie • een reactie op exorfines uit voeding • een reactie op biogene aminen, waaronder histamine • een reactie op voeding als je darmflora en darmslijmvlies niet in goede conditie zijn • bepaalde ziekmakende bacteriën, parasieten of schimmels in je darmen en/of een reactie op voeding, omdat jouw lichaam moeite heeft bepaalde suikers te verteren, zoals bijvoorbeeld lactose (melksuiker) en fructose (fruitsuiker) .


Ook als bepaalde enzymatische processen niet goed verlopen, kun je je voeding niet goed verteren en kun je klachten krijgen. Enzymen zijn eiwitten die bepaalde reacties in het lichaam mogelijk maken of versnellen. Bijvoorbeeld spijsverteringsenzymen, die je nodig hebt om je eiwitten, koolhydraten en vetten te verteren. Dit betekent dat je eerst een aantal voedingsmiddelen weglaat uit je dieet en deze dan één voor één herintroduceert. Als je dan weet op welke voeding je reageert, is een stukje begeleiding vaak prettig. Als je een voedselovergevoeligheid hebt, ligt de oplossing NOOIT in het weglaten van deze producten alleen. Je loopt anders gemakkelijk tekorten op aan essentiële voedingsstoffen. En die tekorten had je wellicht al, omdat je spijsvertering niet optimaal was. Goede vervangers vinden, zodat je een volwaardige voeding houdt, is belangrijk! Een reactie op voeding hoef je gelukkig ook meestal niet te accepteren als iets waar je levenslang last van houdt. Met een goede begeleiding op het vlak van gezonde voeding en gezonde darmen kun je vaak een heel eind komen.


Wat kunnen de eerste signalen zijn dat je mogelijk een probleem hebt met voeding?


Als je na een maaltijd:

• geen behaaglijk gevoel hebt en/of het koud krijgt

• buikpijn (obstipatie, diarree) en/of hoofdpijn krijgt

• humeurig wordt

• het gevoel hebt dat je geen energie hebt. Zoals een cliënt mooi verwoordde: “Mijn gezin maakt er grapjes over dat ik gewoon niet wil afwassen, maar ik zak helemaal in na de maaltijd”.

 En verder als:

• je beverig wordt of hartkloppingen krijgt

• je neus en holtes vollopen of je ogen gaan tranen

• je na voeding een prikkelend gevoel in je mond krijgt


En dit zijn nog maar enkele signalen. Een heleboel gezondheidsproblemen hangen samen met voeding. Vaak heb je dit niet eens door… Er zijn een heleboel signalen die er op kunnen wijzen dat je bepaalde voeding niet goed verdraagt. Buikpijn is er slechts één van. Wist je dat ook de volgende klachten er op kunnen wijzen dat je een probleem hebt met het verteren van voeding?

• “snotteren” en vol zitten

• jeuk en huiduitslag

• hoofdpijn en migraine

• vocht vasthouden

• reumatische klachten

• opgeblazen gevoel en winderigheid

• obstipatie en diarree

• chronische vermoeidheid

• slaapproblemen

• depressieve gevoelens en je “futloos” voelen

• aandachtstekortstoornis

• vage klachten

Vaak gaat het om “vage” klachten. Deze klachten bouwen op en geven een vertraagde reactie. Dit kan variëren van enkele uren tot enkele dagen nadat je bepaalde producten gegeten hebt. Het is daardoor niet altijd direct duidelijk of je wel of niet op voeding reageert.


Voedselintolerantie en allergie: waar liggen de verschillen?


Allergie

Als je ergens allergisch voor bent, geeft je lichaam een duidelijke reactie als je met de stof (het allergeen) in aanraking komt. Je krijgt bijvoorbeeld traanogen en gaat niezen, je reageert met maag- en darmklachten of met galbulten. Een allergeen is een eiwit dat je via de lucht (bijvoorbeeld pollen) of via de voeding binnenkrijgt. Bij een allergie reageert je lichaam hierop door antistoffen (IgE’s) aan te maken specifiek voor dit allergeen.


Kenmerk allergie

Een kenmerk van een allergie is dat je immuunsysteem onmiddellijk reageert na contact met het allergeen, iedere keer weer, en ook bij kleine hoeveelheden allergeen. Een allergie is blijvend van karakter: door de aangemaakte antistoffen zal iedere keer een reactie optreden. Overal in het lichaam zitten zogenoemde mestcellen. Wanneer je het allergeen weer binnenkrijgt, komt dit in contact met het eerder gevormde IgE en komen uit de mestcellen bepaalde werkzame stoffen vrij, zoals histamine. Histamine is verantwoordelijk voor het ontstaan van bepaalde klachten en verschijnselen bij allergie.

Intolerantie

Als er geen duidelijk aantoonbare relatie is, tussen het immuunsysteem en het allergeen, spreekt men liever van een intolerantie of overgevoeligheid. Bij een niet allergische voedselovergevoeligheid (intolerantie) worden er geen IgE’s gevormd, maar ontstaan de reacties op verschillende andere manieren (na inname, via het bloed of door inademen). De stoffen die een reactie veroorzaken noemen we triggers. Er zijn twee vormen: inhalatie intolerantie (bijvoorbeeld sigarettenrook en huisstofmijt) en voedingsintolerantie (bijvoorbeeld koffie en koemelk).


Een reactie die opbouwt

Bij een intolerantie zijn de triggers lang niet altijd aantoonbaar met behulp van huiden laboratoriumtesten (bijvoorbeeld bloedonderzoek). Er treedt vaak een vertraagde reactie op: pas als de inname van een bepaalde stof een grens overschrijdt, krijg je klachten. De klachten die je krijgt, kunnen bovendien nogal variëren. Dit kunnen specifieke klachten zijn, bijvoorbeeld hoofdpijn, klachten van de luchtwegen of de spijsvertering, maar ook vagere klachten, zoals moeheid en een verminderde weerstand behoren tot de mogelijke klachten. Ook spier- en gewrichtspijnen en stemmingswisselingen kunnen veroorzaakt worden door intoleranties. Omdat een intolerantie een onduidelijk begin heeft en tijd nodig heeft om op te bouwen, leg je vaak de relatie niet met bijvoorbeeld een bepaald voedingsmiddel. Vaak gaat het bovendien juist om een voedingsmiddel (bijvoorbeeld suiker of chocola) dat je erg lekker vindt.


Primair en secundair allergeen

Om het nog ingewikkelder te maken: soms is de scheiding tussen allergie en intolerantie niet zo duidelijk of is er sprake van een combinatie van factoren. Duidelijke klachten treden soms pas op als een secundair (tweede) allergeen op de voorgrond treedt. Een voorbeeld is de veel voorkomende klacht hooikoorts. De symptomen treden op als je bijvoorbeeld in aanraking komt met pollen of huismijt. De werkelijke boosdoener (het primair allergeen) is vaak koemelk. Als de koemelkintolerantie wordt behandeld kan de overgevoeligheid voor andere stoffen vanzelf verdwijnen. Het kan zijn dat de reactie op het secundair allergeen wel meetbaar is met laboratoriumtesten en de reactie op het primair allergeen niet.


Overbelast immuunsysteem

Een overgevoeligheidsreactie treedt op bij een overbelasting van het immuunsysteem. Dit kan vele oorzaken hebben. Een aantal mogelijke oorzaken zijn: restanten van eerder doorgemaakte ziektes of ontstekingen, belastende factoren uit het milieu, straling, onverwerkte emoties, etc.. Vaak is er sprake van een combinatie van belastende factoren.


Exorfinen

Welke voeding moet je vermijden als je gevoelig bent? Sommige mensen reageren op exorfinen uit voeding. Exorfinen zijn morfine-achtige eiwitten die voorkomen in gluten, zuivel, soja, champignons en spinazie. Exorfinen komen overigens niet alleen voor in voeding, maar ook in schimmels (en heten dan deltorphine en dermorphine). Normaal gesproken worden exorfinen in het lichaam afgebroken door een specifiek enzym (DPP-IV enzym) in de dunne darm, in de bloedbaan en in de hersenen. Maar … als dit enzym slecht werkt, worden de exorfinen onvoldoende geneutraliseerd en komen ze in de bloedbaan. Zij gaan zich dan gedragen als endorfine (een neurotransmitter) en verstoren de werking van het hormoon- en immuunsysteem. Endorfine wordt ook wel het “feel good hormoon” genoemd. Dat kan dan toch niet slecht zijn zou je denken? Echter: als exorfinen gaan aanhechten in het lichaam, op plaatsen waarop eigenlijk endorfine zou moeten zitten, heb je een groot probleem. De exorfinen geven je kortdurend een goed gevoel en je hebt er steeds meer van nodig om dit fijne gevoel te behouden. Het werkt verslavend. Een exorfinebelasting wordt in verband gebracht met onder meer ademhalingsproblemen zoals apneu en astma, klachten als depressie en angststoornissen, ADD, ADHD en autisme.


Biogene amines

Biogene aminen, wat zijn dat? Biogene aminen zijn stoffen die in het menselijk lichaam gemaakt worden uit aminozuren, de bouwstenen van eiwitten. Een bekende is histamine. In veel voedingsmiddelen, zowel plantaardig als dierlijk, komen van nature biogene aminen voor. Soms worden zij ook gevormd tijdens het productieproces van voeding en verder bij bewaring of door bederf. Die lekkere gerijpte oude kaasjes bijvoorbeeld kunnen veel biogene aminen bevatten. Maar ook een overrijpe avocado zit er vol mee. In het lichaam spelen diverse andere biogene aminen een belangrijke rol bij de signaaloverdracht in het zenuwstelsel (zoals serotonine en dopamine). We hebben ze dus ook nodig! Biogene aminen stimuleren de zenuwuiteinden van het autonome zenuwstelsel en beïnvloeden daarmee onder meer de spijsvertering, de ademhaling en de bloedsomloop. Bij overgevoeligheid voor biogene amines functioneert het afbraaksysteem in de darmen onvoldoende en ontstaan er klachten. Als je lever belast is (door bijvoorbeeld een slecht voedingspatroon, medicijngebruik of candida), ben je gevoeliger voor biogene aminen. Ook als je darmflora niet op orde is (dit heet dysbiose), en als uit ontlastingsonderzoek blijkt dat je een te hoog niveau van bepaalde, ziekmakende, darmbacteriën hebt (Enterobacteriaceae type II), kun je sterk op biogene aminen reageren.


Pseudo-allergische reacties door biogene aminen

Als je gevoelig bent voor biogene aminen kun je zogenoemde pseudo-allergische reacties krijgen, als je voeding eet waarin deze stoffen zitten of als je bijvoorbeeld voeding eet waarin stoffen zitten die histamine (een van de biogene aminen) kunnen vrijmaken.


Wat is een pseudo-allergie?

Soms heb je alle kenmerken van een allergie (bijvoorbeeld jeuk, tranende ogen, een loopneus, vermoeidheid, buikklachten), maar als je een bloedonderzoek laat doen via de huisarts komt er “niets uit”, behalve misschien een verhoogde gevoeligheid voor histamine. Soms merk je ook dat “allergische” klachten in bepaalde periodes toenemen, terwijl ze op andere momenten als sneeuw voor de zon verdwenen zijn. Je kunt dan niet achterhalen waar dit nu precies aan ligt. Ra, ra, hoe kan dat? Er is hierbij een drempelwaarde voor het ontstaan van de klachten en deze is voor iedereen anders. Bovendien kan deze drempelwaarde van dag tot dag verschillen. Als je bijvoorbeeld een (maag-darm)infectie doormaakt, last hebt van stress, net een vaccinatie hebt gehad, medicijnen gebruikt, na lichamelijke inspanning of het gebruik van alcohol, kan de drempelwaarde sneller bereikt worden. Je kunt bijvoorbeeld gewoon een blokje oude kaas eten, maar als je op een dag chorizo, zuurkool en paprika eet, krijg je migraine (deze producten bevatten tyramine). Of je kunt de ene week wel je worteltjes met zalm eten en de andere week, op een dag waarop je veel stress hebt, krijg je toch een reactie. Als een reactie dan ook nog vertraagd optreedt (soms pas na 72 uur), wordt het een stuk moeilijker om te achterhalen waardoor die reactie nu precies ontstond. Dan maar alles weglaten? Nee, dat is bij een gevoeligheid voor biogene aminen, echt geen goed idee. Dit wordt ook wel het “Biafra-dieet” genoemd: je moet dan zoveel voedingsstoffen weglaten dat je je bouwstoffen niet meer binnen krijgt. Als je last hebt van biogene aminen is het beter om uit te zoeken of dit mogelijk is ontstaan door een slechte darmflora (dysbiose) of doordat je lever een en ander niet goed aankan. Het is de moeite waard om met behulp van een voedseldagboek te achterhalen waar je precies op reageert. En dan niet alleen bij te houden wat je hebt gegeten, maar ook bijvoorbeeld hoeveel stress er op een dag was.

Om wat voor klachten gaat het dan? Een heel scala aan klachten kan optreden:

* opgeblazen gevoel

* jeuk en roodheid van de huid, galbulten en netelroos

* zwelling van alle slijmvliezen

* oedeem (vocht vasthouden)

* branderige opgezette tong

* benauwdheid

* maag- en darmkrampen en diarree

* ontstekingen (oogontsteking, candida, eczeem, blaasontsteking)

* hoofdpijn (scherp en stekend en van paracetamol wordt het erger)

* depressieve klachten

* onleesbaar schrijven

* ongecoördineerd gedrag en niet helder kunnen denken

Melk en gluten

Melk is niet goed voor elk en ook met gluten is het oppassen. Melk is zeker niet goed voor elk. Caseïne, het melkeiwit, is zwaar verteerbaar voor de mens. Je kunt op melk reageren met een allergie of intolerantie en je kunt reageren op de exorfinen die in melk zitten. Tenslotte kun je een overgevoeligheid hebben voor de melksuikers (lactose). Ook gluten kunnen op verschillende manieren verstorend werken in het menselijk lichaam: door een allergie, intolerantie of door exorfinen. Als je een intolerantie voor gluten hebt en de auto-immuunziekte coeliakie, is het verstandig om je bloed elk jaar bij de MDL (maag darm lever) arts te laten controleren op het aantal antistoffen. Op deze manier kun je eenvoudig zien of je veel met sporen “besmet” voedsel binnen hebt gekregen. Op het moment dat je denkt dat je intolerant reageert op gluten, is het verstandig eerst naar de huisarts te gaan en je bloed en eventueel je ontlasting te laten onderzoeken. Alleen door een dunne darm biopt te laten uitvoeren kun je definitief vaststellen of er sprake is van coeliakie. Indien nodig zal de huisarts je hiervoor doorverwijzen. Realiseer je dat, als je geen coeliakie hebt, je toch een overgevoeligheid kunt hebben voor gluten. Suiker Om het kort en krachtig te zeggen: te veel suikers zijn niet goed voor je. Realiseer je dat koolhydraten ook suikers zijn. 16 De industrieel bewerkte suiker, zoals kristalsuiker, kun je beter helemaal links laten liggen. Dit zijn “lege” koolhydraten zonder voedingsstoffen. Ook synthetische zoetstoffen, zoals aspartaam, zijn zeer belastend voor je lichaam. Het word je niet gemakkelijk gemaakt. Aan heel veel voeding worden suikers en zoetstoffen toegevoegd! Maar ook met natuurlijke suikers (koolhydraten) kun je beter zuinig aan doen. In verhouding krijgen we er vaak al te veel van binnen. Een te veel aan suikers wordt direct omgezet in triglyceriden (vetdeeltjes) en een overmaat hiervan draagt bij aan hart- en vaatziekten. Te veel suiker is een belasting voor je lever en kan tot non-alcoholische leververvetting leiden. Om suiker (glucose) de cel in te krijgen, moet de pancreas insuline vrijgeven in het bloed. Dit is prima, indien het op gezette tijden gebeurt. Maar als het de hele dag door te pas en te onpas van je lichaam wordt gevraagd, raakt de pancreas op den duur uitgeput en gaat minder efficiënt werken. Je kunt minder gevoelig worden voor insuline of zelfs te weinig insuline gaan aanmaken. Oftewel je kunt hypoglycemie, hyperinsulinemie of diabetes krijgen. Fruit is gezond, maar te veel fructose (vruchtensuiker) niet. Het lichaam kan maar 25 tot 30 gram per dag goed verwerken. Meer dan 3 stuks fruit is daarom niet aan te bevelen. Let ook op met geconcentreerde vruchtensappen, smoothies e.d.. Ook te veel melksuiker (lactose) kan voor problemen zorgen. En als je last hebt van een intolerantie van bijvoorbeeld lactose of een malabsorptiestoornis (slechte opname) van bijvoorbeeld fructose, dan zal je nog beter op de suikers moeten letten. De eerste klachten, die je vaak ervaart als je suikers niet goed kunt verwerken, zijn een opgeblazen gevoel (soms de “negen maanden zwanger” buik) en winderigheid. En in het algemeen ook vermoeidheid. Toch is er ook een paradepaardje onder de koolhydraten: groente! Hiervan mag je naar hartelust van eten.

FODMAP’S

FODMAP’S zijn een speciale groep koolhydraten. FODMAP is de afkorting voor Fermenteerbare Oligosachariden (fructanen en galactanen) Disachariden (lactose) Monosachariden (fructose) en Polyolen (suikeralcoholen in zoetstoffen, fruit en groenten). Dat is een hele mond vol. Als deze FODMAP’S in de dunne darm niet goed worden opgenomen, komen ze terecht in de dikke darm. Dikke darmbacteriën gaan de FODMAP’S dan fermenteren (verteren). Hierbij komt veel gas vrij. Een opgezette buik, winden, boeren en kramp kunnen het gevolg zijn. Bovendien wordt er door al die onverteerde suikers extra vocht in de darm aangetrokken. Hiervan kun je diarree krijgen.


Een gezonde darm

Zonder een gezonde darm heb je geen goede gezondheid! Om je voeding goed te kunnen verteren, moet je darm in topconditie zijn. Er moet onder meer een balans zijn tussen de verschillende darmbacteriën (darmflora of microbioom genoemd). Aan de ene kant wil je voldoende lichaamseigen bacteriën hebben voor een goede spijsvertering, een goede aansturing van je immuunsysteem en nog veel meer belangrijke functies. Aan de andere kant wil je vooral niet te veel ziekmakers in je darm hebben, zoals parasieten, schimmels en gisten, de eerder genoemde Enterobacteriacea, etc.. Stel je maar voor dat je darmbacteriën een dierentuin in je buik vormen. En al die dieren hebben hun eigen specifieke voeding nodig. Voor de darmbacteriën zijn dit de vezels die uit voeding komen. Een gezonde gevarieerde voeding geeft voldoende vezels om alle dieren te voeden.

Gist en gistextract

Gist en gistproducten (gist-extract) worden aan veel producten toegevoegd om deze meer smaak te geven. Ze geven de zogenoemde “Umami” smaak: een hartige smaak. Als je dit eet, gaat er in je lichaam “gisting” plaatsvinden. Gist zorgt er namelijk voor dat suikers (koolhydraten) omgezet worden in alcohol en koolzuurgas. Dit is echter geen natuurlijk manier van omzetten. Door het lichaam zelf worden suikers namelijk afgebroken zonder dat hierbij alcohol vrijkomt. Naast natuurlijke gist wordt ook industriële gist (MSG en E621) aan producten toegevoegd. Deze zorgen voor een snellere gisting, zodat brood bijvoorbeeld sneller kan rijzen. Het lichaam kan al deze gist echter vaak niet aan. Een opgezette, zere buik, winden en boeren kunnen dan het gevolg zijn. Als er te veel gisten in je lichaam aanwezig zijn, en je weerstand verlaagd is, kunnen deze zich gaan ontwikkelen tot schimmel en je gezondheid ondermijnen. Een voorbeeld hiervan is een belasting met candida. Zowel de natuurlijke gist als de industrieel geproduceerde gist bevat bovendien glutamaat. Een teveel aan glutamaat wordt in verband gebracht met neurologische aandoeningen als epilepsie, Alzheimer, psychoses en de spierziekte A.L.S..


Rouleren met voeding

Wij mensen zijn gewoontedieren, maar variëren met voeding is belangrijk. Eet niet elke dag dezelfde producten. Als je bijvoorbeeld vandaag amandelen eet, kies dan morgen paranoten. Als je een overgevoeligheid hebt voor een bepaald voedingsmiddel, is de verleiding groot om dit consequent door een ander product te vervangen. Hiermee wordt het risico groter, dat je ook voor dit vervangende product overgevoelig wordt. Ieder product bevat andere voedingsstoffen: met een gevarieerde voeding verzorg je je lichaam optimaal. Bij een verhoogde voedselovergevoeligheid kun je het beste een product hooguit eens per 4 dagen eten. Zo zorg je er voor dat je zo min mogelijk nieuwe intoleranties ontwikkelt.



DEEL 2 RECEPTEN MET TIPS EN TRUCS

In dit deel krijg je heel veel tips en leren we je alle trucs om zonder gluten, ei, zuivel, gist en suiker brood en banket te maken.

We gaan dieper in op:

• wat je moet weten over (dieet)voeding • glutenvrij koken en bakken • het maken van deeg • En tenslotte krijg je vooral veel lekkere recepten om uit te gaan proberen. Je maakt hier onder meer kennis met Iers sodabrood.

Wat je moet weten over (dieet)voeding

Er zijn veel verschillende soorten dieetvoeding en kant en klare producten in de winkel verkrijgbaar. Het is wettelijk verplicht dat fabrikanten allergenen of “kan sporen van … bevatten” op de verpakking vermelden. Helaas gebeurt dat niet altijd. Het komt regelmatig voor dat fabrikanten uit voorzorg “kan sporen van … bevatten” op het etiket schrijven, of: “wordt verpakt in een ruimte waar ook … worden verpakt”, om zich in te dekken tegen mogelijke schadeclaims. Als je een allergie of intolerantie hebt, is het lastig om boodschappen te doen. Het maakt dat een heleboel producten mogelijk niet geschikt zijn en dat maakt de keuze in voedingsmiddelen kleiner. Je staat regelmatig voor de keus: “koop ik het wel of koop ik het niet”. Het is noodzakelijk, als je een intolerantie of allergie hebt, dat je etiketten leert lezen en je verdiept in de hulpstoffen (de zogenoemde e-nummers) die fabrikanten hebben toegevoegd. Je zult schrikken. Als je om wat voor reden dan ook geen suiker meer wil of mag eten, en je verdiept je in de suikers, dan zul je er achter komen dat de fabrikant tientallen verschillende soorten benamingen heeft voor suiker.

Denk maar aan:

• glucose-fructose stroop • rietsuiker • bietsuiker • honing • maltitol • sorbitol • sacharose • aspartaam • rijststroop • melasse • appelconcentraat

En zo kunnen we nog wel even doorgaan. Zo zijn er ook veel andere benamingen voor melkproducten, eieren, (tarwe)gluten en gist. Zie daar als leek maar wijs uit te worden. Om je op weg te helpen heb ik achterin in de bijlagen opgesteld. Hierin staan mede de meest voorkomende benamingen voor bepaalde hulpstoffen. Door etiketten te lezen, zie je hoe we misleid worden door reclames en de fabrikanten. Als je je verdiept in wat voeding met je doet en kan doen, word je je steeds bewuster van de stoffen die je binnen krijgt en wat deze met je lichaam doen op zowel korte als lange termijn. Het is zeker niet fijn o